Opleiden van leerling tot meester.

Na een geslaagd kweekseizoen , kijkt ieder kweker-vinkenier, met trots naar het behaald kweekresultaat .
Hun krachtig gepink , of hun fiere houding met rechtopstaande kuif , doet menig vinkenier dromen richting de toekomst , in de stille hoop dat er zich onder deze jonge snaken , één of meerdere kleppers bevinden .
Eenmaal de jongen volledig in hun verenpak , wijzen ervaren kwekers met vrij grote zekerheid reeds de geslachten aan .
Anderen wachten , in spanning , tot na de jeugdrui . Een vinkenier is in de eerste plaats een zetter , en het spreekt voor zich , dat het aantal gekweekte man (nen) , bij hen de meeste aandacht opeisen .
Na de kweek volgt de jeugdrui , dit is een natuurlijk proces , dat mits een goede en aangepaste verzorging , in de meeste gevallen probleemloos verloopt .
Botvinken welke naar de regels van de kunst verzorgd worden , beschikken in het algemeen, over een goede gezondheid en dito conditie .
Zij behoren tot de sterkere soort onder de inheemse vogels , met een minimale vatbaarheid voor ziekten .
Optimistisch zoals steeds , zien vinkeniers in hun verbeelding deze jonge snaken reeds uitgroeien tot ware klasbakken , die de successen in ijltempo aan elkander rijgen .
Maar in de praktijk loopt dit niet altijd van een leien dak .
De bekende spreuk < Velen zijn geroepen maar weinigen zijn uitverkoren > is ook in deze materie van toepassing , want de weg van leerling tot meester , is bezaaid met tal van obstakels .
Hoe fors , fier en statig de kwekeling , visueel kan niemand met zekerheid bepalen wat deze als toekomstige speelvogel in petto heeft .
Gerenommeerde kwekers , kweken steeds met kwaliteitsvolle oudervogels , die de vereiste zangkwaliteiten , via de genen aan hun nakomelingen kunnen overdragen .
Naast de van hun ouders geërfde goede eigenschappen , is het aanleren van de gewenste zang tijdens hun eerste levensjaar ( en soms tot en met het tweede ) van het allergrootste belang , voor het verdere verloop van hun zangcarrière .
Het aanleren van de zang gebeurt bij tal van vinkeniers enigszins verschillend . De ene maakt gebruik van elektronisch materiaal , zoals CD. speler , bandopname , midi keten , of computer
Anderen gebruiken een voorzanger als leermeester .Nog anderen de combinatie van de twee.
Niet enkel deze handelswijze is verschillend, maar tevens ook de huisvesting , de verdere begeleiding , het type van kooi en/of de plaats van het aanleren enz .
Jonge botvinken zijn als alle jong levende wezens op aarde , dartel , speels en onbezonnen .
In de natuur word hen eigen aan hun soort , een opleiding gegeven door de oudere soortgenoten .
In beschermd milieu ontbreekt deze natuurlijke schakel , en is het onze taak als vinkenier , om hen op de juiste manier te begeleiden en op te leren .
Juist in dit gegeven wringt hem voor velen het schoentje .
Uit eigen ervaring , ( met de gemaakte fouten ) en uit gegevens verzameld bij collega-vinkeniers , kom ik tot de vaststelling dat ieder jaar verscheidene jonge botvinken , als toekomstige speelvogel verloren gaan door een verkeerde handelswijze , zij het onbewust toegepast , tijdens het aanleren van de gewenste zang .
In deze moeilijke tijden waar ieder jonge botvink voor ons als vinkenier naast het financiële , tevens een grote sportieve goudwaarde bezit , moeten wij er alles aan doen om elk verlies , zoveel als mogelijk te voorkomen .
Een jaar geleden heb ik een oproep gericht via het AVIBO sportblad , aan het adres van ieder geïnteresseerde , om hun handelswijze wat betreft het aanleren van de gewenste zang , via dit sportblad kenbaar te maken .
Waarschijnlijk hebben de toenmalige lezers-vinkeniers , de sportieve waarde van mijn oproep onvoldoende of helemaal niet begrepen want er zijn bijna geen reacties op deze oproep gekomen .
In eerste instantie was ik ontgoocheld maar ik ben een doordrijver, en ik laat de moed maar zelden zakken .
Aansluitend op mijn vorige enquête < De ideale speelkooi > die aangenaam verrassend door een groot aantal vinkeniers positief werd beantwoord , wens ik door te gaan op dit elan , en zal ik een nieuwe enquête openen ditmaal met als thema :
< Opleiden van leerling tot meester >
Het initiatief om dit thema bij U , via een enquette in vraag te stellen , heb ik genomen na het aanhoren van de jaarlijks terugkerende klachten , in verband met het aanleren van de zang bij kwekelingen .
De meest gehoorde klachten zijn :
Zij breken te veel – Zij leren alles wat niet mag -
Hun voor en/of slotzang laat te wensen over –
Zij zingen te luid en/of hebben geen snelheid –
Zij willen de door mij gewenste zang niet aanleren – Wieten , toekappen en dubbelzingen dat kunnen zij het best .
Leerzame gegevens en ervaringen samengebracht in deze enquette , kunnen er toe bijdragen om de reputatie , en de kwaliteit , van de jonge kwekelingen te verbeteren
Vrienden collega-vinkeniers , laat deze oproep tot deelname aan deze enquête , niet onbeantwoord .
Uw samengebundelde gegevens zullen de sportieve waarde van onze hobby , een flinke duw in de rug geven .
Alle ornithologische media bronnen , verbonden met de vinkensport , zijn vragende partij om het bekomen van leerzame artikels .
Een degelijk artikel schrijven is niet aan ieder gegeven , schrijven is een gave zoals vele andere .
Dit heeft niets met een dikke nek of betweterij te maken , zoals bepaalde criticasters soms ten onrechte beweren .
Persoonlijk ben ik er van overtuigd dat tal van vinkeniers , een schat aan ervaring bezitten,die zij graag wensen te delen met anderen .
Via het organiseren van een enquête , probeer ik hun ervaringen te vernemen , om deze dan ten dienste te stellen van alle vinkeniers .
Het organiseren van dergelijke enquête, vraagt van mij vele uren werk maar dit heb ik er voor over .
Ik ben gepensioneerd ,en ik beschik (?) over een zee aan tijd , en ik heb een hekel aan zalig (?) niets doen .
Het invullen van de vragenlijst vraagt een weinig van uw vrije tijd , maar zal in dank worden aanvaard door andere geïnteresseerden , die na afsluiten van deze enquête , uit de vermelde gegevens, aardig wat kunnen bijleren .
Het spreekt voor zich , zonder uw bereidwillige medewerking ,kan ik deze sportieve klus alleen niet klaren .
Ondanks alle problemen , waarmede wij de laatste tijd in verband met het beoefenen van onze hobby geconfronteerd worden , ben ik bereid om samen met U , te blijven ijveren om de vinkensport in de toekomst , verder leefbaar te houden.
Samen staan wij sterk . Induvidueel klinkt onze stem als geroep in de woestijn .
Al onze gezamenlijke inspanningen staan zoals steeds , volledig ten dienste van ieder geïnteresseerde, en van onze geliefde hobby in het bijzonder .
Vragenlijst < Opleiden van leerling tot meester >
Het aanleren van zang bij jonge botvinken gebeurt reeds op zeer jeugdige leeftijd .
Ervaren kwekers vermoeden , dat de zang reeds van voor het verlaten van het nest, bij de jongen in hun geheugen word ingeprent .
In hoeverre dit strookt met de werkelijkheid daar durf ik , door gebrek aan voldoende ervaring , niet op antwoorden .
Het gezegde : zo zingen de ouden , zo piepen de jongen , dit is reeds met zekerheid in de praktijk bevestigd .
Nochtans kan de samenstelling van de zang van verscheidene jonge zangvogels, tijdens hun eerste levensjaar gedeeltelijk, tot volledig , door de mens worden gemanipuleerd .
Getuige het vroegere verleren van de uitheemse trekvinken , en een paar eeuwen terug , het aanleren van nachtegalenzang aan kanarievogels .
Het aanleren van de door de vinkenier gewenste zang , aan jonge kwekeling( en ) is een cruciaal onderdeel in onze hobby .
Daarom vind ik het nuttig om even de mening van de geïnteresseerden , via deze vragenlijst te stellen .
Deze enquette zal ik laten lopen , vanaf 1januari tot 15 februari 2012 , om daarna af te sluiten , en een globaal verslag op te maken , dat ter beschikking zal gesteld worden van alle ornithologische organen , die aan deze enquette hebben medegewerkt .
De enquëtte staat online bovenaan onder Walter Vandevoorde